×

Leven met Parkinson

27 september 2019
Categorie: Algemeen, Neurologie, Patiëntenverhalen

Hein van Geel (80) uit Baexem heeft de ziekte van Parkinson. “Natuurlijk maak ik me wel eens zorgen over wat er komen gaat. Al weet ik ook dat dit geen zin heeft. Het komt zoals het komt.”

Bijna vier jaar geleden merkte hij voor het eerst dat er iets mis was. Zijn vingers begonnen te trillen. “Schrijven, een kopje optillen, met een lepel eten of de autosleutel in het contactslot steken; eenvoudige dingen waar je normaal gesproken nooit over nadenkt, gingen steeds moeizamer”, zo vat Hein van Geel de eerste tekenen van zijn ziekte samen.

Nadat zijn been tijdens het fietsen plotseling verstijfde en hij hard ten val kwam, zetten Hein en zijn vrouw Mariet de medische molen in beweging. In Roermond ging de Baexemer onder de PET-scan, in SJG Weert volgde de diagnose. Hein had Parkinson, een progressieve, niet te genezen aandoening waarbij zenuwcellen in de hersenen langzaam afsterven. Hierdoor wordt er minder dopamine aangemaakt, het stofje dat de spieren aanstuurt.

Karakterverandering
Het verwerken van zo’n diagnose kost natuurlijk tijd. De voormalig directeur van de basisschool in Baexem en verenigingsman die altijd zelf de touwtjes in handen had, was de controle ineens kwijt. Beter gaat hij niet meer worden, zo beseft hij maar al te goed. De behandeling van Parkinson is er puur op gericht om de verdere achteruitgang zoveel mogelijk te vertragen. Naast Hein van Geel (80) uit Baexem heeft de ziekte van Parkinson. “Natuurlijk maak ik me wel eens zorgen over wat er komen gaat. Al weet ik ook dat dit geen zin heeft. Het komt zoals het komt.” Naast trillende vingers, stijve spieren en een verminderde gelaatsuitdrukking is Hein snel moe en praat hij zachtjes met een monotone stem. “Ik merk ook dat zijn karakter begint te veranderen. Hij kan uit het niets uit zijn slof schieten en is vergeetachtig”, zegt zijn vrouw Mariet. Hein reageert gevat: “Dat laatste hoeft niks met Parkinson te maken te hebben hè. Ik ben tachtig. Ja, dan vergeet je wel eens wat.”

Met goede medicijnen die het tekort aan dopamine in de hersenen aanvullen, houdt Hein de klachten aardig onder controle. “Om de drie maanden heb ik een controleafspraak in het ziekenhuis. De ene keer bij de neuroloog, dokter Van Dooren, de andere keer bij de Parkinsonverpleegkundige. Beiden geweldige dames. Ze vragen hoe het gaat, kijken naar de medicatie en naar hoe ik loop en beweeg.” Mariet vult aan: “Ze vragen ook heel gericht hoe het met mij gaat. Dat vind ik wel fijn. Als er iets is, hoef ik maar te bellen. Een tijd geleden heb ik dat nog een keer gedaan. Hein kreeg meer last van trillingen. Daarop is besloten om de dosering te verhogen. Sindsdien gaat het beter.”

Positief blijven
Biljarten, zijn grootste passie, zit er helaas niet meer in. “Daarvoor heb je de fijne motoriek nodig”, zo klinkt het met pijn in het hart. Toch zijn er genoeg redenen om positief te blijven, zo voegt Hein er gelijk aan toe. “Als competitieleider van de plaatselijke biljartclub en secretaris van de duivenvereniging is er altijd werk aan de winkel en kom ik veel onder de mensen. Verder kan ik nog autorijden, tennissen en fietsen. Ik probeer mijn aandacht te richten op wat ik wél kan. En wat ik wel heb. Zes prachtige kleinkinderen bijvoorbeeld. Als het blijft zoals nu, hoor je mij niet klagen.”

Parkinson brengt veel onzekerheid met zich mee. Niemand kan immers voorspellen hoe deze grillige ziekte zich bij Hein gaat ontwikkelen. Mariet - geboren om te zorgen - vindt dat nog wel eens lastig, zegt ze. “Ik merk dat hij hees wordt, zijn stem klinkt steeds zachter”, klinkt het bezorgd. Opnieuw geeft Hein het gesprek een luchtige draai. “Ik zachter praten? Het kan ook zijn dat jij niet goed meer hoort.”


Gezondheidskrant SJG Weert • nummer 2 • september 2019 • pag. 4

© 2014 SJG Weert | Gerealiseerd door Finetic en Beeldvang