Onderzoek en behandeling darmkanker
Wanneer u last heeft van een veranderde stoelgang (in regelmaat of soort ontlasting), onverklaarbaar gewichtsverlies, aanhoudende ongemakken in de buik, zoals pijn, krampen en een opgeblazen gevoel, het gevoel alsof de darm niet volledig wordt geleegd of constante vermoeidheid, dan is het verstandig uw huisarts te bezoeken. Ook wanneer met de ontlasting bloed en/of slijm meekomt is een bezoek aan de huisarts aan te raden. Er kan sprake zijn van darmkanker. Kanker in de dikke darm wordt coloncarcinoom genoemd en kanker in de endeldarm wordt rectumcarcinoom genoemd.
Uw huisarts zal u doorverwijzen naar een internist. Wanneer sprake is van bloedverlies, is een doorverwijzing naar een chirurg vaak de meest voor de hand liggende volgende stap. Bloedverlies kan immers ook te wijten zijn aan aambeien of een fissuur (kloofje) in de anus.
Onderzoek
De internist neemt uw klachten met u door en stelt u een aantal vragen. Na het consult wordt bloed afgenomen voor laboratorium onderzoek. Mogelijk wordt een kijkonderzoek (endoscopie) van de dikke darm ingepland. Tijdens een endoscopie kan de chirurg of internist de binnenkant van de dikke darm goed bekijken. Via de anus wordt een flexibele slang met een lampje en een camera (endoscoop) door de darm opgeschoven. De arts kan zo afwijkingen in de dikke darm opsporen.
Ook Computer Tomografie (een CT-scan) behoort tot de mogelijkheden. Bij een CT-scan worden met behulp van röntgenstralen en een computer dwarsdoorsneden van het lichaam in beeld gebracht. In geval een afwijking in het laatste deel van de darm (rectum) is geconstateerd, wordt een MRI-onderzoek gedaan. Bij dit onderzoek worden beelden gemaakt met behulp van een sterk magnetisch veld (MRI) om het carcinoom (kankergezwel) en eventuele uitzaaiingen (metastasen) in lymfeklieren in beeld te kunnen brengen. De CT-scan en het MRI-onderzoek worden op later tijdstip ingepland en uitgevoerd en gerapporteerd door een radioloog.
Uitslag van onderzoek en de diagnose
De uitslagen van de onderzoeken gaan naar de behandelend internist of chirurg. Binnen tien werkdagen na het eerste consult is een vervolgafspraak bij de internist of chirurg gepland. Tijdens dit gesprek wordt ingegaan op de uitslagen van de onderzoeken, de diagnose en eventuele verdere behandeling. Vanuit het ziekenhuis wordt ook uw huisarts op de hoogte gebracht van de diagnose.
Wanneer er geen aanwijzingen voor kwaadaardigheid zijn gevonden, bespreekt de internist of chirurg met u het vervolg. Het kan zijn dat hij verdere controle of een operatieve ingreep adviseert.
Als uit de onderzoeken blijkt dat sprake is een kwaadaardige aandoening (dus van darmkanker) zal een operatie volgen. De chirurg bepaalt welke operatieve ingreep gedaan moet worden. Hierbij is het stadium (hoe ver de kanker is uitgebreid) en de plaats van de kanker in de darm van belang. Deze factoren bepalen de uitgebreidheid van de ingreep en of een (tijdelijk) stoma geplaatst moet worden
Voorbereiding op de operatie
Als voorbereiding op een operatie bezoekt u de chirurg die ingaat op de diagnose, de noodzakelijke operatie en de risico's. U krijgt uitleg over waar in de darm wordt ingegrepen en of u al dan niet een (tijdelijke) stoma krijgt. Het kan zijn dat de chirurg u voorafgaand aan de operatie naar de diëtiste verwijst. Zij geeft informatie om inname van voedingsstoffen te verbeteren, om uw conditie te behouden of te verbeteren. In verband met de operatie wordt u voor de operatie door de anesthesist (route 35) gezien. Mogelijk worden nog enkele preoperatieve onderzoeken uitgevoerd, zoals een bloedonderzoek, een hartfilmpje (ECG) en een thoraxfoto.
Colon care verpleegkundige
Vervolgens bezoekt u de colon care verpleegkundige voor een preoperatief gesprek op de Colon care poli. De colon care verpleegkundige geeft informatie over alles wat gaat gebeuren vanaf de opname voor de darmoperatie tot en met het ontslag uit het ziekenhuis. Wanneer u (misschien) een stoma krijgt, licht ze het gebruik toe aan de hand van voorlichtingsmateriaal. Bovendien verstrekt ze folders en informeert u over een patiëntenvereniging voor stomapatiënten. Om de zorg voor u thuis en in het ziekenhuis optimaal op elkaar af stellen, is bij alle gesprekken op de Colon care poli ook een colon care verpleegkundige van de thuiszorg aanwezig.
Hierna vindt opname plaats en wordt u voorbereid op de operatie.
In het meest gunstige geval gaat u de vijfde dag na de operatie naar huis. Wanneer u een stoma heeft gekregen, wordt tijdens uw verblijf samen met u en eventueel uw partner of ander vertrouwd persoon naar het stoma gekeken. Gedurende de dagen die volgen wordt u geleerd het stoma te verzorgen en wordt u ondersteund bij eventuele problemen die u hierbij ondervindt. Bij ontslag krijgt u stomamateriaal en eventueel hulpmiddelen mee. Een transferverpleegkundige regelt voor u thuiszorg voor hulp, ondersteuning en/of psychosociale begeleiding.
Vervolgbehandeling
Het bij de operatie verwijderde weefsel wordt microscopisch onderzocht door de patholoog. De patholoog beoordeelt of voldoende weefsel is verwijderd en onderzoekt verwijderde klieren en ander weefsel op aanwezigheid van uitzaaiingen. Alle gegevens worden in de oncologiebespreking doorgenomen. Binnen dit gespecialiseerde team wordt besproken hoe de verdere behandeling vorm moet gaan krijgen: het behandelplan.
Tien tot twaalf dagen na de operatie heeft u een afspraak bij de chirurg. Tijdens opname of tijdens deze controleafspraak wordt de uitslag van het pathologie onderzoek met u en uw partner of een ander vertrouwd persoon besproken. De chirurg bekijkt dan nogmaals de resultaten van de operatie. Tijdens deze afspraak worden de nietjes van de operatie verwijderd.
Wanneer chemotherapie noodzakelijk is, wordt u begeleiding van een internist volgens behandelplan. Hierbij kan onderscheid worden gemaakt tussen adjuvante en palliatieve chemotherapie.
Adjuvante chemotherapie
Wanneer op basis van de uitslag mag worden aangenomen dat de tumor volledig is verwijderd, kan chemotherapie gewenst zijn als bestrijding van eventueel microscopische aanwezige tumorcellen (adjuvante behandeling). Bij deze adjuvante behandeling wordt chemotherapie gegeven om te voorkomen dat eventueel achtergebleven tumorcellen gaan groeien. Voor adjuvante chemotherapie wordt u verwezen naar de internist-oncoloog. De chemotherapie wordt gegeven op onze eigen Dagbehandeling Oncologie. Tijdens deze behandeling maakt u tevens kennis met de oncologieverpleegkundigen en de nurse practitioner die gespecialiseerd zijn in de behandeling en zorg voor oncologische patiënten.
Nazorg
Het nazorg traject omvat een aantal controles bij internist en als een stoma is aangelegd bij de colon care verpleegkundige. Deze controles zijn niet alleen bedoeld om tijdig in te grijpen als de ziekte toch weer de kop op steekt, maar ook voor ondersteuning bij eventuele problemen en advisering over mogelijkheden van diëten, lotgenotencontact enzovoort.
Wanneer u een stoma heeft, zal de colon care verpleegkundige u bij de controle op de Colon care poli te woord staan. De eerste controle op de Colon care poli vindt binnen drie weken na de operatie plaats.
De internist en de chirurg bepalen gezamenlijk wanneer een tijdelijk stoma kan worden opgeheven. Dit is altijd nadat de chemotherapie is beëindigd, veelal na een aantal maanden. Hiervoor wordt voor u een afspraak bij de chirurg gemaakt.
Bij problemen tussen de geplande controles door is de colon care verpleegkundige van de thuiszorg uw eerste aanspreekpunt. Wanneer nodig neemt zij contact op met de internist en/of colon care verpleegkundige van het SJG Weert voor overleg of het maken van een afspraak.
Mogelijk heeft u, eventueel samen met de mensen in uw naaste omgeving, extra ondersteuning nodig bij het accepteren en verwerken van uw ziekte. Vanuit het SJG Weert bestaat de mogelijkheid een beroep te doen op een psycholoog, een maatschappelijk werker, een consultatief psychiatrisch verpleegkundige of de pastor.
Palliatieve chemotherapie
Wanneer de uitslag uitwijst dat bij de operatie(s) niet alle kwaadaardige cellen met succes zijn verwijderd of wanneer een operatie niet meer gewenst is, kan chemotherapie gewenst zijn om de groei van het kankerproces zo veel mogelijk te vertragen. Dit wordt palliatieve chemotherapie genoemd. Ook voor deze behandeling wordt u verwezen naar de internist-oncoloog. Deze chemotherapie wordt gegeven op onze eigen Dagbehandeling Oncologie. Tijdens deze behandeling maakt u tevens kennis met de oncologieverpleegkundigen en de nurse practitioner die gespecialiseerd zijn in de behandeling en zorg voor oncologische patiënten.
Meer informatie vindt u bij:
Zorgstappen
Zorgverleners
Overlegorganen
Folders
Publicaties & Links




Voorleesfunctie

